Dit is waarom ontspannen soms juist onrustig voelt.
- 26 mei
- 1 minuten om te lezen
Vorige week dook ik tijdens een uitgebreide ademanalyse samen met een vrouw in haar adem en zenuwstelsel.
Voordat we begonnen, vertelde ze iets wat ik zó vaak hoor van vrouwen en moeders die ik begeleid:
“Ik plan wel momenten voor mezelf in…
maar zodra ik stil ga zitten, voel ik juist méér onrust.”
Alsof ontspannen gewoon niet lukt.
Hoe hard ze ook proberen.
En dat is heel logisch.
Want wanneer jouw zenuwstelsel gewend is geraakt aan continu “aan” staan,
is rust niet automatisch iets wat veilig of vertrouwd voelt.
Je systeem is gewend aan:
✨ doorgaan
✨ alert zijn
✨ controleren
✨ nadenken
✨ anticiperen
Dus zodra je stil gaat zitten,
valt die afleiding weg.
En dan voel je ineens:
hoeveel spanning en onrust er eigenlijk al die tijd al aanwezig was.
Niet omdat het erger wordt.
Maar omdat je bewust een moment de ruimte neemt om deze spanning op te merken.
En vaak proberen we dan nóg harder te ontspannen:
– nog beter mediteren
– nog rustiger ademen
– nog meer ons best doen
Maar ontspanning ontstaat niet vanuit controle.
Ontspanning ontstaat juist wanneer je systeem voelt:
ik hoef nu even niets op te lossen.
Dat betekent niet dat je “niet kunt ontspannen”.
Het betekent vaak dat jouw zenuwstelsel opnieuw mag leren hoe ontspanning voelt.
Niet door nóg meer te doen.
Maar juist door vaker ruimte te maken voor:
– vertragen
– voelen
– observeren
– niets hoeven oplossen
Rust voelen is soms iets wat je systeem opnieuw moet leren.




Opmerkingen